Schrijver op bezoek

Hier begint het avontuur

door Marco Kunst

Voor het eerst in vijfendertig jaar loop ik het schoolgebouw binnen waar ik als kind dagelijks kwam. Bijna alles is anders. De onderwijzers van toen zijn met pensioen, er is verbouwd, zelfs de naam van de school is anders. Maar de geur is hetzelfde: een vertrouwd mengsel van papier, linoleum, natte jassen, zweet en knutsellijm.
Hier heb ik leren lezen - Wipneus en Pim, Pinkeltje, Oorlogswinter… Hier werd ik voorgelezen uit Ik wou dat ik anders was. Réken maar dat ik toen wou dat ik anders was. Ik wás dat mollige jongetje met bril, dat zich voor van alles schaamde en vaak bang was. Paul Biegel leerde me een beetje minder bang te zijn. De oude hoofdmeester las voor uit Paddeltje: de Gouden Eeuw kwam tot leven. Als de wereld zó groot en avontuurlijk was, dan zou ik later ontdekkingsreiziger worden! Hier begon míjn verhaal…
Ik kom vertellen over mijn boek Vlieg! dat zich afspeelt in dit stadje. Als ik het klaslokaal betreed, schiet ik vol. Mijn oude onderwijzer - al jaren met pensioen - is er ook. Hij lacht en zegt dat ik niks veranderd ben. Ik haal mijn hand over mijn kalende kruin en begin aan mijn verhaal; zo vertrouwd hier en tegelijk zo vreemd. De kinderen hangen aan mijn lippen: ze kennen dat strand, ze kennen de Winkelmanstraat en ze snappen dat die winkelstraat de Walstraat moet zijn.
Maar ze hebben ook snel door dat ik veel uit mijn duim gezogen heb: ze weten precies hoe het buurtje hier in elkaar zit. Niets is veranderd, die kinderen zijn niet anders dan die van toen. Het jongetje dat ik was zou er zo tussen kunnen zitten. Ik zeg dat ik dingen veranderen mag. Dat een schrijver dat zelfs moet. Voor een goed verhaal moet je kiezen: vertellen is weglaten, veranderen en verschuiven. Je schildert je verhaal met woorden, in bonte kleuren, mooie zinnen. Dat het spannend en mooi wordt, is belangrijker dan of het waargebeurd is.
Dat moeten ze even laten bezinken.
Nóg veel gekker vinden ze het idee dat hun buurtje spannend genoeg was om een boek over te schrijven. Dat doodgewone buurtje waar nooit iets gebeurt… Zo keek ik er zelf vroeger ook tegenaan. Maar blijkbaar kennen de huizen hier ook geheimen, zijn er verhalen te smeden uit de straten hier, dragen de stenen betekenis, is deze wereld waardevol… Overal zijn verhalen, kijk maar naar buiten, daar, bij het fietsenhok begint jullie ontdekkingsreis al, en als je dan de hoek om gaat, de Scheldestraat in, en verder…
Ik lees weer voor: over hoe Vogelpoep door de vloer zakte. Ik neem ze mee naar de zolder van het Opzichtershuis, laat ze kijken door de ogen van Marius: alles is mogelijk, maar wat gaat er gebeuren?
Tegen het einde van de les, is het hun beurt. Ik projecteer een collage op het digibord en vraag ze wat het verhaal is dat daarbij hoort. Op het bord zijn een egel, een V.O.C.-schip en een broodrooster te zien. Vingers schieten omhoog. Wilde verhalen over zeerovers die hun broodrooster gebruiken om egels op de vijand af te schieten worden uit duimen gezogen.
'Nee, het is geen broodrooster, maar een tijdmachine!'
'Ja, en dát is geen V.O.C.-schip, maar een schilderij van een schip. Die egel wil dat schilderij stelen en er met de tijdmachine vandoor!'
'Nee, die broodrooster en dat schip zijn vrienden en egel is hun vijand, en…'
'Of,' vraagt een jongen die tot nu toe stil was, 'past dat schilderij misschien in het broodrooster?'
Ik zeg niets en wacht af en dan begint hij te vertellen.

Marco Kunst


Geplaatst op 13.07.2016