Schrijver op bezoek

SSS - subsidie moet blijven!

door Marlies Slegers

Mijn aller-allereerste SSS-bezoek was een ramp. In mijn ogen dan. Ik mocht naar Den Haag en kreeg drie groepen in de bibliotheek op bezoek. In de buurt van Pernis (want verdwaald want nog geen TomTom en het richtingsgevoel van een spijker) liep ik hopeloos vast in de file en moest naar de bibliotheek bellen dat ik ietwat aan de late kant zou zijn. Ze besloten de twee groepen samen te voegen en mij daarvoor te zetten. Eerste bezoek en gelijk ruim 60 kinderen met oververhit hoofd over mediawijsheid vertellen. 's Middags kwam nog een groep. Niemand had erbij verteld dat het een onhandelbare groep was waar de kinderen 0 zin hadden om te luisteren. Ik weet nog hoe ik in de auto op weg terug zat (en weer de verkeerde afslag nam en weer in Pernis belandde) en bijna huilend bedacht dat schoolbezoeken helemaal niet leuk waren! Hoe deden anderen dat?! En ik zou vast nooit meer geboekt worden!

Maar dat werd ik wel. En vanaf bezoek 2 was alles anders, ik had mijn vuurdoop gehad en geleerd van wat anders moest. De meeste bezoeken die ik via SSS krijg, zijn een feestje. Kinderen die het fijn vinden dat je komt, dat je hen mee wilt nemen in de wereld van de boeken. En natuurlijk: gewoon netjes betaald worden voor je bezoek aan de klas - de leerkracht staat er tenslotte ook niet vanuit filantropische overwegingen.

SSS regelt het ook allemaal perfect. Een belletje of je interesse hebt in een bezoek bij school X op datum Y en kan je dan? Wil je dan? Een keurige bevestiging. Het contract. De herinnering die een paar dagen van tevoren nog op je deurmat valt. Het is een goed geoliede machine en als schrijver enorm fijn om op terug te kunnen vallen. Toen mijn moeder vorig jaar overleed twee dagen voor de Kinderboekenweek zou beginnen (waarin ik praktisch volgeboekt zat), belde ik direct SSS op. Alle empathie en begrip en onmiddellijk namen ze het over: nee, ik hoefde niemand af te bellen, dat deden zij. We spraken af dat ik de tweede helft van de laatste week van de KBW nog zou laten staan, tegen die tijd had ik er misschien wel zin in. Nee, maar ik deed het en het werkte louterend, terug in het ritme van kinderen bezoeken. Na afloop belde iemand van SSS. Hoe het gegaan was en of ik het trok.

Er zijn ook bezoeken die je bijblijven, omdat ze gewoon ontroerend zijn of mooi of juist erg vervelend (ja, er zijn scholen bij waarbij je je verstand op nul zet en maar op de automatische piloot doorgaat). En altijd eindigt zo'n bezoek toch weer onverwacht leuk. Zeggen kinderen die het hele uur zaten te klieren dat het zo leuk was. Of komen de kinderen vragen of je hen wilt knuffelen. Willen ze hun verhaal kwijt over hun overleden vader/moeder/hond.

Vorige week in Kaatsheuvel: eigenlijk zou ik een uur blijven, maar na 70 minuten stond ik er nog en was de presentatie nog maar op tweederde, want er was veel interactie in de klas, veel vragen tussendoor. Ik zei dat de tijd er eigenlijk opzat en de hele klas begon te smeken of ik verder wilde gaan. 'Helaas, de powerpoint duurt echt nog een hele poos,' zei ik. 'Maar ik beantwoord nog twee laatste vragen.Wie heeft een dringende vraag?!' Ik wees naar een meisje wiens vinger omhoogschoot. 'Zeg het eens.'

'Wilt u alsjeblieft blijven en de powerpoint afmaken?Alsjeblieft?!' De hele klas viel bij.

Een half uur later verliet ik de school.

De SSS? Die moet gewoon subsidie krijgen. Schrijvers horen op scholen te komen.

een foto


Deze tekst is ook geplaatst op het eigen blog van Marlies Slegers:
52weken


Geplaatst op 01.07.2016